Gesprek met Guillaume Faye: over Nietzsche

Nietzsche Académie (2012)

NA: Hoe belangrijk is Nietzsche voor u?

GF: De lectuur van Nietzsche was het lanceerplatform voor alle waarden en ideeën die ik later ontwikkelde. Toen ik student was bij de Jezuïeten in Parijs, in de filosofieles (1967), gebeurde er iets ongelooflijks. In dit katholieke oord had de filosofieleraar besloten om het hele jaar enkel Nietzsche te onderwijzen! Exeunt Descartes, Kant, Hegel, Marx en de anderen. De broeders durfden niets te zeggen, ondanks deze verstoring van het programma. Het heeft een stempel op me gedrukt, geloof me. Nietzsche, of de hermeneutiek van het wantrouwen… Zo heb ik me al heel jong gedistantieerd van de christelijke, of beter gezegd christomorfe, visie op de wereld. En natuurlijk, tegelijkertijd, met egalitarisme en humanisme. Alle analyses die ik daarna ontwikkelde waren geïnspireerd door Nietzsche’s intuïties. Maar het lag ook in mijn aard. Later, veel later, zelfs recentelijk, begreep ik dat Nietzsches principes moesten worden aangevuld met die van Aristoteles, die goede oude Griek met de apollinische blik, een leerling van Plato die hij respecteerde maar verafschuwde. Voor mij is er een duidelijke filosofische fasering tussen Aristoteles en Nietzsche: de verwerping van de metafysica en het idealisme en, het belangrijkst, de betwisting van het idee van goddelijkheid. Nietzsche’s “God is dood” is slechts een tegenhanger van het Aristotelische standpunt van de onbeweeglijke en onbewuste god, die verwant is aan een wiskundig principe dat het universum bestuurt. Aristoteles en Nietzsche, eeuwen na elkaar, waren de enigen die de afwezigheid van een zelfbewust goddelijk wezen definieerden zonder het heilige te verwerpen. Dit laatste was dan een zuiver menselijke verheerlijking gebaseerd op politiek of kunst. Toch hebben christelijke theologen zich nooit iets aangetrokken van Aristoteles, maar veel meer van Nietzsche. Waarom? Omdat Aristoteles voor-christelijk was en de Openbaring niet kon kennen. Terwijl Nietzsche, toen hij het Christendom aanviel, heel goed wist wat hij deed. Niettemin is het argument van het christendom tegen dit de facto atheïsme niet te negeren en verdient het een goed filosofisch debat: geloof is een andere zaak dan de bespiegelingen van filosofen en blijft een mysterie. Ik herinner mij, toen ik bij de Jezuïeten zat, hartstochtelijke debatten tussen mijn atheïstische, Nietzscheaanse filosofieleraar en de goede paters (zijn werkgevers) die snedig en tolerant waren, zeker van zichzelf.

NA: Welk boek van de filosoof met de hamer zou u aanraden?

GF:  Het eerste dat ik las was Fröhliche Wissenschaft. Het was een schok. En dan, alles daarna, natuurlijk, vooral Jenseits Gut und Böse, waar Nietzsche de manicheïstische morele regels van het Socratisme en het christendom omverwerpt. Wat de Antichrist betreft, zij erop gewezen dat dit boek de inspiratiebron is geweest voor het hele antichristelijke discours van het rechtse neo-paganisme waarvan ik ook deel uitmaakte. Ik wil er echter op wijzen dat Nietzsche, met een Lutherse opvoeding, in opstand kwam tegen de zuiver christelijke moraal die door het Duitse Protestantisme werd vertegenwoordigd, maar hij heeft zich nooit echt verdiept in de kwestie van de traditionele katholieke en orthodoxe religiositeit en geloof, die nogal los staan van de geseculariseerde christelijke moraal. Vreemd genoeg heeft Also sprach Zarathustra me nooit echt geboeid. Voor mij is het een nogal verward werk waarin Nietzsche denkt dat hij een profeet en een dichter is, wat hij niet is. Een beetje zoals Voltaire die dacht slim te zijn door de tragedies van Corneille te imiteren. Voltaire, een auteur die bovendien met ideeën kwam die volledig indruisten tegen de “filosofie van de Verlichting” die Nietzsche (te alleen) verpulverde.

NA: Wat betekent het “nietzschiaans” te zijn?

GF: Nietzsche zou dit soort vragen niet leuk hebben gevonden, hij die geen discipelen wilde, hoewel… (zijn karakter, zeer complex, was niet vrij van ijdelheid en frustraties, net als u en ik). Laten we ons in plaats daarvan afvragen: wat betekent het om nietzschiaanse principes te volgen? Het betekent breken met de Socratische, stoïcijnse en christelijke, en vervolgens moderne beginselen van menselijk egalitarisme, antropocentrisme, universeel mededogen, universalistische utopische harmonie. Dit betekent dat men de mogelijke omkering van alle waarden (Umwertung) ten gunste van de humanistische ethiek aanvaardt. Nietzsches hele filosofie is gebaseerd op de logica van het levende: selectie van de sterkste, erkenning van vitale kracht (behoud van de bloedlijn ten koste van alles) als hoogste waarde, afschaffing van dogmatische normen, zoeken naar historische grootheid, politiek als esthetiek beschouwen, radicaal inegalitarisme, enz. Daarom zijn alle zelfbenoemde denkers en filosofen, rijkelijk onderhouden door het systeem, die zichzelf min of meer nietzschiaans verklaren, bedriegers. Dit werd goed begrepen door de schrijver Pierre Chassard, die als een goed kenner de degenen die  Nietzsche recupereerden, aan de kaak stelde. Het is inderdaad erg in de mode om zichzelf nietzschiaans te noemen. Dit is zeer merkwaardig voor auteurs wier ideologie, politiek correct en weldenkend, volkomen in strijd is met de filosofie van Friedrich Nietzsche. In werkelijkheid hebben de pseudo-nietzschianen een ernstige filosofische verwarring begaan: zij hebben volgehouden dat Nietzsche een uitdager was van de gevestigde orde, maar zij deden alsof zij niet begrepen dat het hun eigen orde was: het egalitarisme dat voortvloeide uit een geseculariseerde interpretatie van het christendom, christomorf van binnen en van buiten. Maar zij geloofden (of deden alsof zij geloofden) dat Nietzsche een soort anarchist was, terwijl hij een nieuwe onverbiddelijke orde voorstond, Nietzsche was niet, zoals sommigen hem voorstellen, een rebel op pantoffels, een nep-rebel, maar een revolutionair visionair.

NA: Is nietzschianisme dan eerder rechts of links?

GF: Dwazen en tweederangsdenkers (vooral aan de rechterzijde) hebben altijd beweerd dat de begrippen rechts en links geen betekenis hebben. Wat een sinistere vergissing. Hoewel de praktische posities van rechts en links kunnen verschillen, bestaan er wel degelijk rechtse en linkse waarden. Nietzschianisme is natuurlijk rechts. Nietzsche braakte de socialistische mentaliteit uit, de moraal van de kudde. Maar dat betekent niet dat extreemrechtse nietzschiaans is, verre van dat: vaak zijn zij  anti-joods, een standpunt dat Nietzsche in veel van zijn teksten en in zijn correspondentie, waarin hij zich distantieerde van antisemitische bewonderaars die hem absoluut niet hadden begrepen, aan de kaak stelde en dom noemde. Nietzschianisme is uiteraard rechts. Links, altijd in een positie van intellectuele prostitutie, probeerde Nietzsche te neutraliseren omdat het hem niet kon censureren. Om een lang verhaal kort te maken, ik zou zeggen dat een eerlijke interpretatie van Nietzsche aan de kant staat van revolutionair rechts in Europa, waarbij het begrip “rechts” bij gebrek aan een beter woord (zoals elk woord, beschrijft het de zaak onvolmaakt) wordt gebruikt. Nietzsche heeft, net als Aristoteles (en inderdaad net als Plato, Kant, Hegel en natuurlijk Marx – maar in het geheel niet Spinoza) het politieke diep in zijn denken geïntegreerd. Hij was bijvoorbeeld, door een fantastisch voorgevoel, voor een unie van Europese naties, net als Kant, maar in een heel ander perspectief. Kant, een pacifist en universalist, een onverbeterlijke utopische moralist, wilde de Europese Unie zoals zij thans bestaat: een groot zacht lichaam zonder soeverein hoofd, met de rechten van de mens als hoogste beginsel. Nietzsche daarentegen had het over de Grote Politiek, over een groots plan voor een verenigd Europa. Voorlopig is het de Kantiaanse visie die overheerst, tot ons ongeluk. Anderzijds is het minste wat we kunnen zeggen dat Nietzsche geen pangermanist was, geen Duitse nationalist, maar eerder een Europese nationalist – en patriot. Dit was opmerkelijk voor een man die leefde in een tijdperk, het tweede deel van de 19e eeuw (“Deze stomme 19e eeuw” zei Léon Daudet), waarin de kleine intra-Europese nationalismen werden verergerd als een dodelijk gif, dat zou leiden tot de afschuwelijke tragedie en broedermoord van 1918-18, toen jonge Europeanen, van 18 tot 25 jaar oud, elkaar afslachtten, zonder precies te weten waarom. Nietzsche, de Europeaan, wilde alles behalve zo’n scenario. Daarom hebben degenen die Nietzsche (in de jaren 1930) instrumentaliseerden als een ideoloog van het pangermanisme het even bij het verkeerde eind als degenen die hem vandaag de dag voorstellen als een links denker van voor zijn tijd. Nietzsche was een Europees patriot en hij stelde het genie van de Duitse ziel in dienst van deze Europese mogendheid waarvan hij als visionair het verval al voelde aankomen.

NA: Welke auteurs beschouwt u als nietzschiaans?

GF: Niet noodzakelijk degenen die beweren het te zijn. In feite zijn er geen auteurs die echt “nietzschiaans” zijn. Nietzsche en anderen maken gewoon deel uit van een zeer verschuivende en complexe tendens die kan worden omschreven als “rebellie tegen aanvaarde principes”, en op dit punt blijf ik bij de stelling van de Italiaanse denker Giorgio Locchi, die een van mijn leermeesters was: Nietzsche luidde het superhumanisme in, dat wil zeggen de overwinning van het humanisme. Ik zal het hierbij laten, want ik ga hier niet herhalen wat ik in sommige van mijn boeken heb ontwikkeld, met name in Pourquoi nous combattons en in Sexe et dévoiement. Men zou kunnen zeggen dat er nietzschianisme schuilt in een groot aantal auteurs of filmmakers, maar een dergelijke bewering is zeer oppervlakkig. Anderzijds geloof ik dat er een zeer sterke band bestaat tussen de filosofie van Nietzsche en die van Aristoteles, ondanks de eeuwen die hen scheiden. Zeggen dat Aristoteles nietzschiaans was, zou natuurlijk een uchronische grap zijn. Maar beweren dat Nietzsches filosofie die van Aristoteles, de slechte leerling van Plato, voortzet, is de stelling die ik voorstel. Daarom ben ik zowel een aristoteliaan als een nietzschiaan: omdat beide filosofen het fundamentele idee verdedigen dat de bovennatuurlijke godheid in haar substantie moet worden onderzocht. Nietzsche werpt een Aristotelische kritische blik op de godheid. De meeste schrijvers die beweren bewonderaars van Nietzsche te zijn, zijn bedriegers. Paradoxaal. Ik leg een verband tussen darwinisme en nietzschianisme. Degenen die Nietzsche werkelijk interpreteren worden er door de ideologische manipulatoren van beschuldigd geen echte “filosofen” te zijn. Nota bene door diegenen die Nietzsche – heel gênant – het tegenovergestelde willen laten zeggen van wat hij zei. Wij moeten deze toe-eigening van de filosofie door een kaste van mandarijnen aan de kaak stellen, die de teksten van filosofen verdraaien en zelfs censureren. Aristoteles was hier ook het slachtoffer van. Men kon Nietzsche en andere filosofen alleen lezen via een geletterd raster, ontoegankelijk voor de gewone man. Maar nee. Nietzsche is zeer leesbaar, voor iedere ontwikkelde en verstandige man. Maar ons tijdperk mag hem alleen lezen door het raster van een censuur door weglating.

NA: Kunt u een definitie geven van de Übermensch?

GF: Nietzsche gaf opzettelijk een vage definitie van de Übermensch. Het is een open concept, maar toch expliciet. Uiteraard zijn pseudo-nietzschiaanse intellectuelen er snel bij geweest om dit concept af te zwakken en te ontmijnen, door van de Übermensch een soort troebele en afstandelijke intellectueel te maken, superieur, meditatief, quasi-Boeddhist, in het opgeblazen beeld dat zij van zichzelf willen geven. Kortom, precies het tegenovergestelde van wat Nietzsche bedoelde. Ik ben er voorstander van auteurs niet te interpreteren, maar ze, indien mogelijk, uit respect, te lezen zoals ze zijn. Nietzsche koppelde de Übermensch duidelijk aan de notie van de wil tot macht (die ook gemanipuleerd en verdraaid is). De Übermensch is het model van degene die de Wille zur Macht vervult, dat wil zeggen, die boven de moraal van de kudde uitstijgt (en Nietzsche doelde op het socialisme, een kuddedoctrine) om onbaatzuchtig een nieuwe orde op te leggen, met een dubbele dimensie van strijder en soevereiniteit, met een overheersend doel, begiftigd met een machtsproject. De interpretatie van de Übermensch als een opperste “wijze”, een etherische geweldloze, een pre-Gandhi in zekere zin, is een deconstructie van Nietzsche’s denken, om het te neutraliseren en af te zwakken. De Parijse intelligentsia, wier valse geest haar handelsmerk is, heeft dit perverse en sofistische genie om de gedachte van grote maar onwelgevallige auteurs (waaronder Aristoteles en Voltaire) te verdraaien, maar ook om hun ideeën ten onrechte op te eisen. Er zijn twee mogelijke definities van de superman: de mentale en morele Übermensch (door evolutie en opvoeding, zijn voorouders overtreffend) en de biologische Übermensch. Het is zeer moeilijk hierover te beslissen, daar Nietzsche zelf deze uitdrukking slechts gebruikte als een soort mythe, een literaire flits, zonder haar ooit werkelijk te conceptualiseren. Een soort voorgevoel, geïnspireerd door darwinistisch evolutionisme. Maar uw vraag is zeer interessant. Het belangrijkste is niet een antwoord te hebben “over Nietzsche”, maar te weten welke weg Nietzsche, meer dan honderd jaar geleden, wilde openen. Aangezien Nietzsche anti-humanist en anti-christen was, dacht hij niet dat de mens een vast wezen was, maar dat hij onderhevig was aan evolutie, zelfs aan zelf-evolutie (dit is de hier wijk ik af van Nietzsche en is mijn mening wellicht niet de laatste die we hierover horen): ik interpreteerde het superhumanisme als een in twijfel trekken, om deels biologische redenen, van het begrip zelf van de menselijke soort. Dit begrip Übermensch is zeker, veel meer dan dat van de wil tot macht, een van de mysterieuze valkuilen die Nietzsche ons heeft aangereikt, een van de vragen die hij aan de toekomstige mensheid heeft gesteld Ja, wat is de Übermensch? Dit woord alleen al doet ons dromen en ijlen. De Übermensch heeft geen definitie omdat hij nog niet gedefinieerd is. De Übermensch is de mens zelf. Nietzsche had misschien de intuïtie dat de menselijke soort, althans sommige van zijn superieure componenten (niet noodzakelijkerwijs “de mensheid”), de biologische evolutie zou kunnen versnellen en sturen. Eén ding is zeker, wat het monotheïstisch fixistisch antropocentrisch denken verplettert: de mens is geen essentie die aan de evolutie ontsnapt. Anderzijds mogen we Nietzsche’s beschouwingen over het vraagstuk van ras en antropologische ongelijkheid niet vergeten. De kaping van Nietzsche’s werk door pseudo-wetenschappers en pseudo-filosofische hogescholen (vergelijkbaar met de kaping van het werk van Aristoteles) is te verklaren door het volgende simpele feit: Nietzsche te groot om zomaar te verbannen en te subersief  om niet verdraaid en gecensureerd te worden.

NA: Uw favoriete citaat van Nietzsche?

– “Het is tijd om op te houden met elke vorm van grappenmakerij”. Dit betekent, op een voorspellende manier, dat de waarden waarop de westerse beschaving is gebaseerd, niet langer aanvaardbaar zijn. En dat overleven enkel kan door omkering of herstel van vitale waarden. En dat dit alles het einde veronderstelt van het festivisme (een concept uitgevonden door Phillipe Muray en ontwikkeld door Robert Steuckers) en de terugkeer naar ernstige zaken.

Vertaling: rv

Oorspronkelijke tekst: https://guillaumefayearchive.wordpress.com/2012/07/02/nietzsche-vu-par-guillaume-faye/   



Categorieën:Metapolitiek

Tags: , , , ,