Guillaume Faye Manifest van het Europese verzet

F. Roger Devlin (2011)

Guillaume Faye’s strijdschrift wil Europa verenigen, “ons grote vaderland, die familie van geestverwanten, hoe politiek verbrokkeld ook, die op essentiële punten verenigd is en zo de verdediging van onze beschaving bevordert”. Hij ziet zelfs nationalisme als een soort sektarisme dat de Europese mens zich op dit moment niet kan veroorloven: “Als het huis in brand staat, worden binnenlandse geschillen opgeschort.”

Meer dan driekwart van dit boek is gewijd aan wat een Confuciaans filosoof “de rectificatie van namen” zou noemen. Het is interessant om te zien hoe revolutionaire ideologieën zich nooit in gewone taal kunnen uitdrukken. Omdat zij gebaseerd zijn op een gedeeltelijke en vervormde kijk op de werkelijkheid, creëren zij noodzakelijkerwijs een geheel eigen jargon. Als zij er eenmaal in slagen dit aan een onderworpen bevolking op te leggen, hebben zij de helft van hun strijd gewonnen. Wie heeft precies besloten dat trouw aan het eigen volk, sinds mensenheugenis bekend als patriottisme en beschouwd als een van de meest essentiële deugden, voortaan gelijkgesteld zou worden met de misdaad van het racisme? Faye’s “metapolitiek woordenboek” is een uppercut tegen semantische verdraaiing.

Eenkele voorbeelden:

Aristocratie: zij die hun volk verdedigen voor hun eigen belangen. Een aristocratie heeft gevoel voor geschiedenis en bloedverwantschap, en ziet zichzelf als vertegenwoordiger van het volk dat zij dient, eerder dan als lid van een kaste of club. Een aristocratie is niet gelijk aan een economische elite, maar kan nooit volledig erfelijk worden zonder af te takelen.

Biopolitiek: een politiek project dat gericht is op de biologische en demografische vereisten van een volk. Het omvat gezins- en bevolkingspolitiek, beperkt de instroom van vreemdelingen, en behandelt vraagstukken van volksgezondheid en eugenetica.

Devirilisering : het verval van waarden als moed en viriliteit ten gunste van feministische, xenofiele, (…) en  humanitaire waarden.

Discipline: de regulering en positieve aanpassing van gedrag door sanctie, beloning en oefening. De egalitaire ideologie associeert discipline en orde met hun uitwassen, d.w.z. met willekeurige dictatuur. Maar juist het tegendeel is het geval, want vrijheid en rechtvaardigheid zijn gegrondvest op strenge sociale discipline. Elke maatschappij die weigert recht en orde, d.w.z. collectieve discipline, te handhaven, is rijp voor tirannie en verlies van openbare vrijheden.

Germen: de biologische wortel van een volk of beschaving. In het Latijn betekent germen ‘kiemen’, ‘zaad’. Als een cultuur verloren is gegaan, is herstel mogelijk. Als de biologische kiem vernietigd is, is er niets meer mogelijk. De germen zijn vergelijkbaar met de wortels van een boom. Als de stam wordt beschadigd of het gebladerte wordt weggesneden, kan de boom zich herstellen, maar niet als de wortels verloren gaan. Daarom is de strijd tegen rassenvermenging, ontvolking en de massamigratie van Europa nog belangrijker dan de mobilisatie voor de eigen culturele identiteit en politieke soevereiniteit.

Identiteit: etymologisch: “dat wat enkelvoudig maakt”. De identiteit van een volk is wat het onvergelijkbaar en onvervangbaar maakt.

Involutie: de regressie van een beschaving of soort tot slecht aangepaste vormen die leiden tot de afname van haar vitale krachten. Culturele involutie is gestimuleerd door de achteruitgang van het Nationaal Onderwijs (40% van de adolescenten is nu geheel of gedeeltelijk analfabeet, cijfers voor Frankrijk, nota van de vertaler), de regressie van kennis, de ineenstorting van sociale normen, de onderdompeling van de jeugd in een wereld van audio/visueel spel en  de Afrikanisering van de Europese cultuur.

Mentale AIDS: de ineenstorting van het immuunsysteem van een volk ten overstaan van zijn decadentie en zijn vijanden. Louis Pauwels bedacht de term in de jaren tachtig en het leidde tot een mediaschandaal. In het algemeen is het zo dat hoe meer het neototalitaire systeem geschandaliseerd wordt door een idee en het demoniseert, hoe waarschijnlijker het is dat het waar is.

Bij biologische AIDS reageren de T4-lymfocyten, die het organisme zouden moeten verdedigen, niet op het HIV-virus als een bedreiging, maar behandelen ze het als een “vriend” en helpen ze het zich voort te planten. De Europese samenlevingen worden vandaag de dag op soortgelijke wijze bedreigd door de ineenstorting van hun immunologische afweer. Terwijl burgerlijk geweld, delinquentie en onveiligheid overal exploderen, worden maatregelen van politie en justitie die dit zouden kunnen beteugelen, ondermijnd. Hoe meer de immigratie van de Derde Wereld de Europese volkeren schade berokkent, des te meer worden er maatregelen genomen om die immigratie voort te zetten. Juist nu Europa met een demografische ineenstorting wordt bedreigd, worden beleidsmaatregelen die het geboortecijfer zouden kunnen verhogen aan de kaak gesteld en wordt homoseksualiteit geïdealiseerd. Katholieke prelaten beweren met grote overtuiging dat “de islam een verrijking is”, ook al dreigt de islam hun Kerk duidelijk te vernietigen.

Musealisering: het omvormen van een levende traditie tot een museumstuk, waardoor het van een actieve betekenis of betekenis wordt beroofd. Een patrimonium wordt elke dag opgebouwd en kan dus niet in een museum worden geconserveerd. De moderne samenleving is paradoxaal genoeg enerzijds ultraconservatief en museologisch, en anderzijds vijandig tegenover de levende tradities van de identiteit.

Populisme: het standpunt dat de belangen van het volk boven die van de politieke klasse stelt en directe democratie voorstaat. Deze momenteel pejoratieve term moet positief worden gemaakt. De heersende afkeer van het populisme drukt een heimelijke minachting uit voor de authentieke democratie. Voor de klasse van intellectuelen en media betekent “volk” “petits blancs“, de kleine blanke mens – de massa van economisch bescheiden, niet-geprivilegieerde blanken – die de sociale categorie vormen waarvan wordt verwacht dat zij hun belastingen betalen en hun mond houden. Wat betreft immigratie, de doodstraf, schooldiscipline, fiscaal beleid – en tal van andere onderwerpen – is het bekend dat de diepste wensen van het volk, zoals die uit referenda en elders naar voren komen, ondanks de onophoudelijke propaganda in de media, nooit overeenstemmen met die van de regering. Anti-populisme markeert de uiteindelijke triomf van de geïsoleerde, pseudo-humanistische, en bevoorrechte politieke-media klasse – die voor eigen gewin beslag gelegd hebben op de democratische traditie.

Verzet en herovering : geconfronteerd met een kolonisering door volkeren uit het zuiden en door de Islam, bevinden de Europeanen zich, objectief gesproken, in een situatie van verzet. Net als het christelijke Spanje tussen de achtste en de vijftiende eeuw, is hun project er een van herovering. Verzet wordt tegenwoordig “racisme” of “xenofobie” genoemd, net zoals inheemse weerstanders tegen koloniale onderdrukking vroeger “terroristen” werden genoemd. Een semantische omkering is hier op zijn plaats: zij die voorstander zijn van de vervangende immigrantenbevolking moeten voortaan “collaborateurs” worden genoemd.

We horen maar al te vaak dat het al te laat is, dat de immigratie nooit omgekeerd kan worden, dat het beste wat we kunnen verwachten een redelijker vorm van etnisch samenleven is. Deze argumenten worden niet gestaafd door enige beredeneerde analyse, maar eenvoudigweg op grond van een gebrek aan etnisch bewustzijn.

Revolutie: een bruuske ommekeer van de politieke situatie, na het uitbreken van een crisis en het ingrijpen van een actieve minderheid.

Voor de Europeanen betekent revolutie een radicale afschaffing, een ommekeer, van het huidige systeem en de opbouw van een nieuwe politieke realiteit, gebaseerd op de volgende beginselen: 1) een etnocentrisch Eurosiberië, vrij van de islam en de koloniserende massa’s van de Derde Wereld; 2) continentale autarkie, waarbij gebroken wordt met de vrijhandelsdoctrines van het globalisme; 3) een definitieve breuk met de huidige organisatie van de Europese Unie; en 4) een algemeen teruggrijpen naar een inegalitaire samenleving die gedisciplineerd, authentiek democratisch, aristocratisch en geïnspireerd is op het Griekse humanisme. (Faye heeft eerder geschreven over de noodzaak voor Euronationalisten om het idee van revolutie terug te winnen van de poseurs van links).

In een kort slothoofdstuk beantwoordt Faye de vraag die in de titel van zijn boek wordt gesteld:

Wij vechten voor Europa. Wij vechten voor een Europa dat doordrenkt is van ideeën van identiteit en continuïteit, van onafhankelijkheid en macht – dit Europa dat een geheel is van etnisch verwante volkeren. Wij strijden voor een visie op de wereld die zowel traditioneel als Faustiaans is, voor hartstochtelijke creativiteit en kritische rede, voor een onwankelbare loyaliteit en een avontuurlijke nieuwsgierigheid, voor sociale rechtvaardigheid en vrij onderzoek. We vechten niet alleen voor de Europeanen van vandaag, maar ook voor het erfgoed van onze voorouders en de toekomst van onze nakomelingen.

Faye’s stijl is vurig, doelmatig en vervalt nooit in elegie of pessimisme:

Niets is verloren. Het is totaal ongepast om onszelf in de nostalgie van de wanhoop te zien, als een achterhoede, een laatste voorpost, die met panache strijdt voor een verloren zaak. De gebeurtenissen in de wereld geven ons reden te geloven dat de situatie afstevent op een grote crisis – op een chaos waaruit de geschiedenis zal worden herboren.

Vertaling: rv

Oorspronkelijke tekst: http://www.counter-currents.com/



Categorieën:Metapolitiek

Tags: , , , ,