Verdrag tussen Iran en China: Montesquieu in Peking

Pierluigi Fagan

Brandend actueel: 25-jarig alomvattend strategisch partnerschap tussen Iran en China

Infrastructuur versus energie: een klassieker

Op korte termijn werd Iran, dat net als Rusland, Turkije en Syrië op de breuklijn tussen het Westen en het Oosten ligt, belet zich tot het Westen te wenden. Het wendt zich dus op logischerwijze naar het Oosten en zo krijgt China toegang tot energie voor de eigen ontwikkeling. Het is echter op middellange en lange termijn dat wij de interessantste toekomstige ontwikkelingen kunnen waarnemen.

Beijing beschikt nu over belangrijke schakel in zijn strategie om handelsinfrastructuur te creëren, in het kader van het “Belt and Road Initiative”. Iran is een fundamenteel territoriaal/geopolitiek scharnierpunt in dit project. De overeenkomst komt er na vijf jaar onderhandelen, hier is niets geïmproviseerd. laten we eens kijken waarom dit zo belangrijk is:

1) Het partnerschap met Iran. Het partnerschap met Iran biedt een alternatief voor de route van China naar de Centraal-Aziatische republieken, via West-China of Xinjiang, waar als bij toeval de problemen met de Oeigoeren zijn ontstaan (?). Deze route kan noordwaarts naar Rusland of zuidwaarts naar Iran gaan.

2) Een andere weg is via de grens met Pakistan. Eenmaal in Pakistan kan men naar het zuiden gaan en de kusthavens exploiteren als een gemengd land-zee alternatief om mogelijke blokkades rond Malakka te omzeilen, of men kan naar het westen gaan en Iran binnengaan om de oost-west route voort te zetten waar zich, zoals wij in punt 5 zullen zien, nieuwe alternatieve havens aandienen.

3) De strategie van rechtstreekse havens aan de Indische Oceaan. Na Maleisië, Thailand en vooral Myanmar (vervolgens Sri Lanka, de Malediven, enz.), dit alles om eventuele blokkades bij Malakka te omzeilen of om de te verwachten onrust in de Zuid-Chinese Zee te vermijden, heeft Bejing andere alternatieven overwogen met Pakistan en Iran.

4) Dit geheel heeft een invloed op de tegenstrijdige relatie tussen China en India. Beide zijn geo-historisch veroordeeld tot coëxistentie, maar India ligt ver achter op China wat betreft de ontwikkeling van alle factoren die nodig zijn voor macht, en geeft dus blijk van weinig samenwerking en weinig wil om te concurreren.

De Verenigde Staten hebben zichzelf in deze breuklijn tussen beide landen weten te wringen. De strategie van alternatieven die India omsingelen, ontneemt het land zijn onderhandelingspositie. Maar het akkoord met Iran schept ook een bijkomend probleem, aangezien India een even strategische samenwerkingsovereenkomst heeft met Rusland en Iran zelf, een soort mini-katoenroute waar de Indiërs veel waarde aan hechten. Bovendien importeert India energie uit Iran.

5) Iran zelf is natuurlijk de belangrijkste spil in dit alles. In Iran, in het zuidoosten, kan je nog een haven hebben om aan de insluiting te ontsnappen. Je zou redelijke afspraken kunnen maken met India om te profiteren van hun trilaterale met Rusland en Iran. Je zou India kunnen vervangen in de trilaterale besprekingen als de Indiërs u een moeilijk te verteren afwijzing geven.

Vanaf de Iraanse westgrens kun je naar Irak (6) en dat land heropbouwen, vandaar naar Syrië (7) wat de toegang tot de Middellandse Zee verzekert, Turkije (8) onder druk zetten met betrekking tot het Oeigoerse probleem (Oeigoeren zijn een Turks volk en de Chinezen weten dat de laatste hardnekkige jihadistische gewapende bendes in het noorden van Syrië bestaan uit door Ankara gesponsorde Oeigoeren, en via Jordanië naar Israël (9) gaan, zelfs als dat betekent dat zij vriendschap moeten sluiten met zowel de Chinezen als de Palestijnen.

Vergeet niet dat er aan de Israëlische kust reeds een bevriende haven ligt die vanuit de Golf van Akaba kan worden bereikt, een alternatief indien Suez door sommigen wordt geblokkeerd.

10) Maar bedenk dat je ook uitstekende betrekkingen onderhoudt met alle Soennitische Arabieren, zonder onderscheid (Saudi-Arabië, Verenigde Arabische Emiraten, Oman, Koeweit, enz.). Het is altijd beter om alternatieven te hebben, en dus als je Soennieten op je schaakbord hebt, moet je ook Sjiieten hebben, om het evenwicht te bewaren. Je bent misschien de gulden middenweg in een complexe relatie, wat je gelijkwaardig maakt, en daarbij ben je niet gelovig.

Zo verkrijg je het eerste en allerbelangrijkste in een multipolaire wereld: vrienden. Vrienden, natuurlijk niet omdat je elkaar aardig vindt, maar omdat je gemeenschappelijke belangen hebt, economische en commerciële belangen, het oudste goed in de internationale betrekkingen. Het geopolitieke voordeel volgt (wapens, havens, militaire bases moeten worden vermeden, maar wie weet wat morgen komt).

Het BRI-project biedt verschillende voordelen

1.           het creëert een web van strategische bilaterale overeenkomsten, d.w.z. multidimensionaal;

2.           het is opgevat op basis van commerciële en economische prioriteit, brengt zij de betrekkingen op vreedzame wijze met elkaar in overeenstemming;

3.           het is een ontdubbeling van bestaande systemen, d.w.z. het biedt alternatieven voor de alternatieven, wat het “veerkrachtig” maakt ;

4.           aangezien niet elke bilaterale partner essentieel is, moet je gedeeltelijke alternatieven hebben, toekomstige onderhandelingen over knooppunten die uit zichzelf zullen ontstaan of omdat ze door tegenstanders zullen worden gepusht (VS): zo kom je in een relatief sterke positie terecht omdat je over alternatieven beschikt en die de partner niet heeft;

5.           het brengt partners in potentiële concurrentie met elkaar, waardoor hun verwachtingen worden verlaagd ;

6.           tenslotte is deze partnerschapsovereenkomst een boodschap aan de Europeanen: “Indien jullie vrij waren om uw eigen geopolitieke strategie te ontwikkelen, zouden wij met jullie en de landen van het Midden-Oosten onderhandeld hebben, aangezien dit gebied in jullie invloedssfeer ligt, maar aangezien jullie zich aan de Amerikanen onderworpen hebben, vullen wij het vacuüm dat door jullie passiviteit en onverschilligheid is ontstaan.

China vs Verenigde Staten

Ik schreef jaren geleden, dat de kwestie uiteindelijk heel eenvoudig is: de Chinezen hebben geld, de Amerikanen hebben wapens. Het tegenovergestelde van de Koude Oorlog, want geld wint van wapens, altijd en overal. Maar met de Sovjets spelen is niet hetzelfde als met Chinezen aan het schaakbord zitten. Op middellange termijn zal China altijd meer geld hebben (technologieën, producten, infrastructuren, know-how, markten, enz.) en in betwiste landen staan wapens niet gelijk aan voedsel, zij maken de plaatselijke leiders niet geliefd, zij geven geen stabiliteit, macht en ontwikkeling.

Bovendien zorgt het Chinese realisme en pragmatisme, ervoor dat iedereen het met elkaar eens kan worden, sjiieten en soennieten, Indiërs en Pakistanen, Turken en misschien zelfs Koerden. Er zijn ook Koerden in Noord-Iran, wier grondgebied moet worden doorkruist om bij de Turken te komen.

Zoals men heel goed weet in het Midden-Oosten, waar de handelstraditie diep in de geschiedenis is geworteld (net als in China), , is de beste deal die waarbij iedereen wint of bijna wint. De Amerikanen kunnen dan alleen maar inperken, wrijvingen creëren (min of meer kunstmatig of gefabriceerd), de ontwikkeling afremmen, wat zij zeker zullen doen.

Filosofisch gezien zinspeelt de Chinese strategie in de “Filosofie van de betrekkingen tussen de volkeren van de planeet Aarde” op de oude “zachte handel” van Montesquieu. Vertaal “zacht” als “vriendelijk”: “… het is bijna een algemene regel dat waar vriendelijkheid heerst, er handel is; en dat waar handel is, er vriendelijke gewoonten zijn” (Geest der Wetten) met een laatste contrast tussen “zachte naties” en “ruwe en barbaarse” naties.

In feite schijnt het concept terug te gaan tot Montaigne en vervolgens Voltaire, Smith, Hume, Kant te hebben betoverd. Een analyse van dit begrip in het licht van de geschiedenis van de ideeën is te vinden in A. O. Hirschman (O. Hirschman, Le passioni e gli interessi, Feltrinelli, p. 47).

Wij hebben dus naties die zich op zijn minst socialistisch noemen (China) en handelen op basis van beginselen die door Marx bekritiseerd werden maar door Europese liberalen gepropageerd werden en waarvan de hedendaagse erfgenamen (VS, VK) het nochtans eens zijn met Marx. Tja, wat kun je ertegen doen, het gecomplexeerde tijdperk is nu eenmaal complex.

Ik kan enkel aanmanen tot voorzichtigheid. Wat jullie vandaag, in de partijdige geest die u deed applaudisseren voor de Indianen tegen de cowboys in de Amerikaanse westerns van de jaren ’70, doet applaudisseren voor David tegen Goliath, zal morgen, wanneer David Goliath geworden is, een tegenstrijdigheid creëren. China alleen al vertegenwoordigt bijna een vijfde van de mensheid.

Vertaling: rv

Oorspronkelijke tekst: http://www.elzeviro.eu/



Categorieën:Geopolitiek

Tags: , , , , , ,