Georges Sorel en de opkomst van de moderne middelmatigheid

Nicolas Bonnal (2017)

Er gaat niets boven een goede klassieker om ons te troosten ons leven in de huidige situatie! In Les illusions du progrès, gepubliceerd aan het eind van de negentiende eeuw, beschrijft Georges Sorel tijden die al aansleepten. Een bloemlezing:

“Sinds de democratie gelooft dat zij een lange toekomst heeft en conservatieve partijen worden ontmoedigd, voelt zij niet meer dezelfde behoefte als vroeger om haar recht op macht te rechtvaardigen door de filosofie van de geschiedenis”.

Politiek ? Financiën ? Het “walgelijke schouwspel dat de wereld wordt voorgeschoteld door het uitschot van financiën en politiek verklaart het succes dat anarchistische schrijvers lange tijd hadden”.

De teleurstelling van de parlementaire democratie kwam snel. Bakoenin merkte op dat het slechts vijf jaar duurde om Italië te vernietigen (Bakoenin (Oeuvres, 1911, Deel V).

Een van haar substantie ontdane religie religie ? Paus Franciscus ?

“Een min of meer ongelovige clerus die samenwerkt met de overheid om het lot van de mensen te verbeteren, daar is de middelmatigheid heel tevreden mee. »

Maar de bron van het sublieme droogt op: “Religieuze mensen leven van een schaduw. Wij leven van de schaduw van een schaduw. Waar zal men na ons van leven? »

Sorel merkte onder wetenschappers een hypocriete religieuze  ontwikkeling die zich sindsdien heeft verspreid naar zowat alle gelovigen:

“Wij zijn getuige van een schouwspel dat op het eerste gezicht paradoxaal lijkt: geleerden die alles hebben verworpen wat de Kerk als de geloofsbelijdenis beschouwt, en toch beweren tot de Kerk te blijven behoren.

De Kerk is al een NGO belast met sociale controle en publieke moraal:

“De huidige sociaal-katholieken zouden graag zien dat de geestelijkheid verenigingen opricht die zowel opvoedkundig als economisch zijn en die alle klassen tot het besef van hun sociale plichten brengen. De orde die naar hun kleine oordeel ernstig verstoord wordt door het lef van het kapitalisme zou worden hersteld.

Uiteindelijk ontbrak het deze geheel sociale godsdienst aan religieuze waarde; de sociaal-katholieken denken het christendom terug te brengen tot deze middelmatigheid.”

Net als Huysmans onderstreept Sorel het waardeloze karakter van de christelijke kunst (de hang naar lelijkheid, aldus Huysmans). Erken het, ontwaak, zoals die grote geesten:

De extreme laagheid van de huidige katholieke esthetiek zal elke poging tot religieuze opleving sterk belemmeren. »

Over democratie voegt Sorel nog toe:

 We hoeven maar om ons heen te kijken om te erkennen dat democratie een leerschool is van slaafse onderwerping, verklikking en demoralisering.

Wij zijn afgedaald tot de verkiezingspraatjes, die demagogen in staat stellen hun leger soeverein te leiden en zich van een gelukkig leven te verzekeren; soms trachten eerlijke republikeinen de gruwel van dit beleid met een filosofische sluier te verhullen, maar de sluier is altijd gemakkelijk te scheuren.”

Plutocratie is gevaarlijker dan aristocratie. En met een goede reden:

“De ervaring lijkt uit te wijzen dat machtsmisbruik ten voordele van een erfelijke aristocratie over het algemeen minder gevaarlijk is voor het rechtsgevoel van een volk dan misbruik ten gevolge van een plutocratisch regime; het is absoluut zeker dat niets de eerbied voor het recht zo tenietdoet als het schouwspel van wandaden die, met medeplichtigheid van de rechtbanken, worden begaan door avonturiers die rijk genoeg zijn geworden om de staatslieden te kunnen kopen.”

Rijkdom is beurswaarde, kunstmatig, al los van de echte economie. Sorel noteerde vóór Gramsci en de Amerikaanse index op 22 000:

“Bij de totstandkoming van de grote fortuinen van vandaag heeft de speculatie op de beurs een veel belangrijkere rol gespeeld dan de positieve innovaties die door bekwame industriëlen in de productie zijn ingevoerd. Aldus neigt de rijkdom er meer en meer toe zich los te maken van de economie van de progressieve productie en verliest zij aldus elk contact met de beginselen van het burgerlijk recht.”

Sorel stelt vervolgens een psychologie van de moderne middelmatigheid vast (geen behoefte aan Decroo, Lady Gaga enz):

Naarmate wij gebieden hebben overwogen waarin onze intelligentie zich vrijer manifesteert, hebben wij ingezien dat de middelmatigheid haar rijk op een vollediger wijze uitoefent.

Wat in deze studie met de pejoratieve naam van middelmatigheid is aangeduid, is wat politieke schrijvers democratie noemen; daarom wordt aangetoond dat de geschiedenis de invoering van democratie eist. »

Toen werd de democratie niet langer gecontesteerd door de socialisten, die door het parlementaire systeem opgeslorpt waren, maar de anarchisten:

“Deze apologie van de democratie is niet zonder ernstige gevaren; zij heeft een twintigtal jaren geleden vele jongeren tot de anarchie gebracht… zij heeft aangetoond dat er in Frankrijk geesten waren die naar grootsheid verlangden; het is niet te verwonderen dat vele anarchisten zich in het revolutionair syndicalisme hebben gestort, dat hun geschikt leek om die grootsheid te bereiken. »

En om te eindigen met een klein verwijt aan Karl Marx:

“De grote fout van Marx was dat hij zich niet realiseerde welke enorme macht de middelmatigheid in de geschiedenis heeft; hij vermoedde niet dat het socialistische sentiment (zoals hij het opvatte) uiterst kunstmatig is; vandaag zijn wij getuige van een crisis die alle bewegingen die ideologisch met het marxisme verbonden kunnen zijn geweest, dreigt te ruïneren. »

Lach, het is nog niet voorbij!

Vertaling: rv

Oorspronkelijke tekst: http://www.dedefensa.org



Categorieën:Politiek

Tags: , , , , ,