“Sanitaire-cratie”, het nieuwe machtsparadigma gebaseerd op de bescherming van het leven

Guido Salerno Aletta (2021)

Wetenschap, en dan bedoelen we de medische en biologische wetenschap, wordt een machtsinstrument. Een macht die onbeperkt en oncontroleerbaar kan worden, indien de door covid-19 veroorzaakte noodtoestand voortduurt.

Ieder mens is een untore, een “zaaier van pestilentie”, in daad of in potentie. Iedereen die nog niet besmet is, wordt een parasiet, gewoon door een “seropositieve” persoon te benaderen, zelfs als deze generlei ziekteverschijnselen vertoont. Zelfs degenen die reeds genezen zijn, zijn niet gered: zij kunnen het virus nog steeds overdragen, en staan dus op hetzelfde niveau als een “onbehandeld” individu, en kunnen misschien zelfs opnieuw ziek worden.

Dit is het syllogisme waarop de sanitaire-cratie is gebaseerd, het nieuwe machtsparadigma dat uitgaat van de bescherming van het leven, van de instrumentalisering van de medische en biowetenschap enerzijds, en van de technologie inzake connectiviteit en kunstmatige intelligentie anderzijds.

De pandemie van het coronavirus heeft reeds een wereldwijde socio-economische schok teweeggebracht die veel ernstiger is dan om het even welke conventionele oorlog: miljarden mensen zijn wekenlang in hun huizen opgesloten, het leven van intermenselijke relaties is geannuleerd, het productieapparaat is tot een minimale activiteit herleid. Regeringen leggen huisarrest en sociale afstandsmaatregelen op om de verspreiding van besmetting te voorkomen: het dragen van een masker om neus en mond te bedekken, ter bescherming van zichzelf en anderen, zou een gezondheidsvoorschrift kunnen worden dat aan iedereen wordt opgelegd.

Maar dit is slechts een epifenomeen: wij zijn een nieuw tijdperk binnengegaan, waarin macht op een nieuwe manier wordt gerechtvaardigd en gelegitimeerd. Er is geen sprake meer van een directe of representatieve democratie, noch van individuele vrijheden die kunnen prevaleren boven de bescherming van de gezondheid. Regeringen zich tot absolute garant van de volksgezondheid uitgeroepen, zich beschermend achter een nieuwe kaste van mandarijnen.

Wetenschap wordt een machtsinstrument en verliest zijn essentiële functie, die van bevrijding van de angst voor de dood, en krijgt in de plaats een ambivalente functie: de relaties tussen wetenschappers en de politieke macht versterken tegelijkertijd economische repercussies op farmaceutisch gebied. Afgezien van de onzekerheden over de evolutie van de epidemie, over de mutatie van het virus op langere termijn en over het vermogen van de mens om antilichamen te ontwikkelen die tegen de mutaties van het virus kunnen reageren, worden wij nu reeds geconfronteerd met drie belangrijke stadia.

Eerste stadium.

De dwingende maatregelen van de regeringen, die de uitzonderingstoestand vaststellen en regelen, strekken tot bescherming van het “naakte leven” van de mensen. Giorgio Agamben heeft op dit punt gereageerd met een zeer treffend artikel getiteld De uitzonderingstoestand veroorzaakt door een niet gerechtvaardigde dringendheid. De maatregelen van opsluiting en verwijdering verminderen het wezen zelf van de mens en oefenen een ongekende macht uit, aangezien zij hem ontdoen van zijn sociale essentie. In feite offeren zij het “volle leven” op dat de mens onderscheidt van andere dieren: een “vol leven” dat veel verder gaat dan economische activiteit. In die zin lijkt het debat over de negatieve gevolgen van deze opsluitingen, die als remedies worden beschouwd en waarvoor “de remedie erger zou zijn dan het kwaad”, ook een  reductio: de opschorting van de productieactiviteit zou inderdaad kunnen leiden tot nog meer sterfgevallen, door verhongering, dan de epidemie zelf. Wij worden geconfronteerd met een banale evenwichtsoefening tussen gezondheidsbescherming en economische belangen, waarbij het loutere overleven van de mens eens te meer als enig criterium wordt gehanteerd. Dood tegen dood, niet volledig leven’ tegen het naakte leven’.

En er is meer: de politieke autoriteiten, die zich momenteel legitimeren door middel van een sociale inperking die gericht is op de bescherming van de gezondheid, eisen ook een indrukwekkende verzameling gegevens over de burgers op: alle gewoonte- en natuurlijke gedragingen, en zelfs de fysieke toestand van elk individu, worden geanalyseerd en met elkaar in verband gebracht, van nauwe contacten met andere mensen tot verplaatsingen, tot biometrische gegevens, alles wordt omgezet in data. Deze elementen worden belangrijk geacht voor de bescherming van het individu en de gemeenschap: dit is de rechtvaardiging en de grondslag van de sanitaire-cratie. Het leven zelf van de mens wordt in data gevat en tot data herleid, en niet alleen zijn bij zijn aankopen geregistreerde consumptievoorkeuren, die automatisch worden gevolgd via verbindingen met informatiesites en sociale netwerken.

 Sociale controle wordt niet langer bemiddeld door verworven overtuigingen die voortvloeien uit boodschappen die worden verspreid door de pers, reclame of virale netwerken: het menselijk gedrag zelf wordt een boodschap, een inhoud. Gezondheidsbescherming is de voorwaardelijke rechtvaardiging hiervoor: het papieren certificaat dat elke reis, hoe onbeduidend ook, moet rechtvaardigen, is in veel gevallen al vervangen door een digitaal platform voor autorisatie, verificatie en controle.

Dan is er nog een tweede, instrumenteel, volledig technologisch aspect, waarvan de polariteiten enerzijds worden vertegenwoordigd door het IOT (internet der dingen) en anderzijds door AI (kunstmatige intelligentie). Het “internet der dingen”, ondersteund door 5G-technologie, verstoort de traditionele metriek van mobiele en persoonlijke telecommunicatie, die jarenlang gericht was op de uitbreiding van de datatransmissiecapaciteit in de tijdseenheid, de verschuiving van spraak naar bewegende beelden en de toename van interactiviteit in termen van de symmetrie tussen upload- en downloadsnelheid. Bij het IOT gaat het er echter om miljoenen zenders op asymmetrische wijze met elkaar te verbinden, die voortdurend informatie-inhoud van zeer gering gewicht in termen van bits uitzenden. Dit zijn sensoren van beweging, contact, temperatuur of andere gradiënten die de databanken voeden waarop de kunstmatige intelligentie wordt losgelaten. Het resultaat zijn momentane metingen, d.w.z. temporele sporen die aan verschillende stratificatieniveaus kunnen worden onderworpen. De nadruk kan liggen op het gedrag van het individu en zijn of haar relaties, of het waarnemingsgebied kan worden uitgebreid tot gebieden en clusters. Het snijpunt van deze gegevens met epidemiologische gegevens zal het onzichtbare raster vormen dat politieke machtsbeslissingen op basis van sanitaire-cratie zal legitimeren.

De dagelijks verspreide informatie is symptomatisch voor de instrumentalisering ervan voor het politieke beheer van de epidemie en niet voor het begrip van het verschijnsel: niets kan worden afgeleid uit de inkomende en uitgaande stromen, met nieuwe besmettingen enerzijds en genezingen en sterfgevallen anderzijds, noch uit het aantal ziekenhuisopnames en opnames in intensive care-afdelingen. Het is niet bekend of mensen van de IC worden ontslagen, en in welke mate; dan wel of degenen die worden ontslagen en niet langer positief zijn, hoofdzakelijk degenen zijn die, met milde symptomen, thuis in quarantaine zijn gebleven. Het bezit van basisgegevens is opnieuw een instrument van macht.

Er is nog een derde aspect, dat van cruciaal belang is voor de aan de gang zijnde sociaal-politieke transformatie. De medische technocratie, bevolkt door epidemiologen, specialisten in besmettelijke ziekten, virologen en hygiënisten, neemt de plaats in van de economische en financiële deskundigen. De laatste jaren zijn het de economen die als steun of tegenwicht voor de politiek hebben gefungeerd, door voor te schrijven wat haalbaar is of niet: zij beschouwen de markt als een collectief subject dat in staat is te handelen en te reageren volgens de logica van de interactie tussen voorschriften en de gedragingen die daaruit voortvloeien. De economie daarentegen bestudeert de best mogelijke combinaties van productiefactoren, ervan uitgaande dat grond, kapitaal en arbeid van nature en relatief schaars zijn. Het is aan de politiek om de distributieprocessen in goede banen te leiden, zodat een minimum aan stabiliteit en maatschappelijke aanvaarding wordt gewaarborgd.

 In het geval van de huidige epidemie hebben we te maken met een natuurlijk verschijnsel waarvan de negatieve effecten op de mens moeten worden tegengegaan. Bij gebrek aan vaccins of adequate medische behandeling tast de politieke macht het menselijk gedrag aan, dwingt isolatie en sociale distantie af. De beperking van het menselijk contact, die de opschorting van een reeks economische activiteiten impliceert, is dus niet medisch, in de zin van de behandeling van de ziekte: zij is louter preventief, om de besmetting en de congestie van de ziekenhuisstructuren te verminderen.

Wij bevinden ons in een duistere overgangsfase: de regeringen proberen de verantwoordelijkheid voor hun keuzes af te wentelen op de nieuwe sanitaire technocratie. Het ter discussie stellen van de sociale verhoudingen lijkt de enige normatieve oplossing te zijn, zelfs in perspectief: het offer van het “volle leven” is reeds een beloning voor dat van het “naakte leven”. Het volgende “volle leven” zal, in plaats van gebaseerd te zijn op de autonomie van het menselijk gedrag en de menselijke relaties, gewaarborgd door twee eeuwen liberale grondwetten, worden uitgekleed, gecontroleerd en beheerd via datanetwerken en de voortdurende analyse van ons gedrag. Dit is een “niet-leven”: de mensheid, infantiliserend en gebrekkig, moet tegen zichzelf beschermd worden.

De logica van de sociale controle door middel van de biopolitiek loopt dus ten einde: de mens moet hoe dan ook worden gecontroleerd, want de aanwezigheid van virussen maakt zijn gedrag potentieel gevaarlijk voor hemzelf en zijn buren.

De basis van macht kwam altijd neer op het definiëren van wat legaal is. De controle op het eigen gedrag en op de sociale relaties, die in principe natuurlijk zijn, wordt op zichzelf een overtreding en wordt bestraft. Het “volle leven”, vrijheid, zal voortaan een utopie zijn. Alle mensen, wetenschappers voorop, staan voor de keuze: blijven vechten om zich te bevrijden van het lijden en van de obsessie met de dood, of zich onderwerpen en een instrument van de macht worden.

Achter deze epidemie gaat het falen schuil van een decennium monetair beleid dat tevergeefs heeft getracht de onhoudbaarheid van de onderliggende verstoringen en onevenwichtigheden tegen te gaan.

Tijdens de huidige “pestdepidemie” zijn wij allen schuldig, allen “zaaiers van de pest” (untori). Een onbeperkte en oncontroleerbare macht heeft zich voor ons geplaatst om het “naakte leven” te beschermen, het enige en eenvoudige dierlijke overleven: het is de sanitaire-cratie. Gelukkig zijn er in de geschiedenis altijd revoluties om de hoek.

Vertaling rv

Oorspronkelijke tekst: https://www.ariannaeditrice.it



Categorieën:Geen categorie

Tags: , , , ,