De onvrijheid komt uit Amerika

Klaus Kunze (2021)

Enkel aardige Amerikanen

Ik ken persoonlijk alleen maar aardige Amerikanen. Mijn eerste ontmoeting met Amerikanen dateert van 1970, op het Science Fiction World Congress in Heidelberg: kalme, nieuwsgierig, gewoon vriendelijke mensen. Zij zijn niet mijn vijanden.

Carl Schmitt heeft het verschil gedefinieerd tussen een individuele vijand (Latijn: inimicus) en de potentiële vijand van een menselijke totaliteit (hostis): vijandschap is de ontologische ontkenning van een ander zijn.1 Net zoals vuur en water niet tegelijk kunnen bestaan, kan de ene bestaansvorm niet tegelijk naast de andere bestaan.

De bestaansvorm van de Verenigde Staten is het Amerikanisme. Als blijvende lokroep van de gegoede bourgeoisie belooft zij een risicoloos apolitiek bestaan2, het definitieve afscheid van al wat slecht is in de politiek. De gehele One World zal een gelukzalig tijdperk betreden zodra het veilig is geworden voor de democratie – het einde van de geschiedenis en de oplossing van alle conflicten in een mondiale, zuiver economische markt.

Van de (overheids)regen in de (markt)drop

In het nirwana van de zuivere economie lossen bepaalde machtsverhoudingen op. Andere versterken echter alsmaar meer. Nauwelijks ontsnapt aan de feodale ketenen, kwamen de mensen terecht in een massamaatschappij en werden zij onderdanen van autoritaire staten. Deze zijn voorbijgegaan, maar met hen ook de staat als potentiële beschermheilige van onze vrijheid tegen maatschappelijke machten en supermachten:

Wereldconcerns proberen ons wijs te maken hoe vrij wij zijn om hun producten te kopen. Zij eisen meer en meer vrijheid, wereldwijde vrijheid, vooral voor zichzelf. Van door de staat gestandaardiseerde onderdanen worden we economisch gestandaardiseerde uniforme consumenten. Veel mensen, in hun verlangen om te consumeren, vinden dat niet erg. Het zijn tenslotte individualisten en als klant vrij in hun keuze – toch?

Maar wat is de vrijheid van de burger die als consument is gedenatureerd, zodra een wereldconcern dat hem betaalt, zijn Duitse fabriek sluit? Waaruit bestaat keuzevrijheid als hij enkel kan kopen wat op de rekken van de supermarkt ligt? Waar bestaat die vrijheid uit als wereldspelers als Twitter of Facebook hem uitsluiten van hun netwerken? Wat er met Trump is gebeurd, maakt al jaren deel uit van het dagelijks leven van talloze kritische stemmen.

De hoogtepunten van de grote politiek zijn tegelijkertijd de momenten waarop de vijand in concrete helderheid als de vijand waargenomen wordt.”3

Wij vermoeden dat wij opnieuw een autoriteit nodig hebben om de wereldwijde data-octopussen en hun tentakels aan banden te leggen en hen onze op vrijheid gerichte regels op te leggen. Zo’n instelling was ooit onze staat, toen die geacht werd neutraal op te treden en boven de maatschappelijke krachtvelden te staan. De staat moet opgeroepen worden onze burgerrechten te handhaven. Daartoe hoort dat de kroegbaas op de hoek ons moet binnenlaten zonder te vragen wat we ervan vinden, dat we het recht krijgen om een pakje boter te kopen zonder dat de winkelketen ons mag buitensluiten omdat onze mening hen niet bevalt, en dat we net zo vrij zijn om te denken wat we willen op internetplatforms die voor iedereen toegankelijk zijn zonder te worden buitengesloten. Vrijheid van meningsuiting is geen louter particuliere aangelegenheid.

Individualisme op de terugtocht

Als vrije burgers, die wij zijn en willen blijven, voelen wij ons individualisten. Daar heeft de overheid altijd wantrouwend tegenover gestaan. Nu zijn het de zelfbenoemde hoeders van de deugd in Silicon Valley. Vandaag vormen zij de facto een monopolie op de opinie: wie iets verkeerds zegt, wordt monddood gemaakt. Trump heeft het mogen ondervinden. Nu weet iedereen het. Ernst Niekisch vermoedde het echter al in 1929:

De ontwikkeling van concurrentiekapitalisme tot monopoliekapitalisme luidde de verspreiding van het anti-individualisme in. Het is nog niet duidelijk welke sociale en politieke banden de nieuwe situatie onvermijdelijk zal opleggen aan de mensheid.” 4

Ondertussen merken meer en meer mensen het op. Maar ze zijn grotendeels machteloos. Dushan Wegener erkent de dreigende overname door corporaties, wier bedrijfsideologie de norm wordt van wat we nog vrijelijk kunnen verspreiden:

Neem het puritanisme, dat naar “zuiverheid” streeft (en in zijn overdreven ijver resultaten kan bereiken die er van buitenaf zeer “onzuiver” uitzien), plus de moderne communicatietechnologie met ultranetwerken, plus een stadium in de menselijke ontwikkeling dat in sommige opzichten zulke “doeltreffende” methoden heeft voortgebracht dat zij reeds het tegendeel bereiken van de verklaarde bedoeling (voedsel dat ons ondervoedt; school die onze kinderen dommer maakt; amusement dat ons verveelt; informatie die desinformeert; armoedebestrijding die armoede schept; tolerantie die intolerantie in de hand werkt; democratie die het volk zijn macht ontneemt, enzovoort) – alle andere ontwikkelingen, of het nu rassenrellen zijn die worden uitgelokt door de zogenaamde “antiracisten”, of de “goede” relschoppers die de kleinhandel plundert met ideologische rugdekking van multinationals, of natuurlijk, voorlopig, de uiteindelijke overname door multinationals en staten die op de leest van een multinational geschoeid zijn en corporatie-achtige staten, dit alles is “slechts” het gevolg, de consequentie en het epifenomeen van het onderliggende puritanisme dat zich door de moderne technologie en zijn eigen over-effectiviteit tegen zichzelf keert. (Dushan Wegener, Andere Geschichte, andere Bücher)

Vandaag betekent amerikanisme meer dan ooit dat wij ons zonder enig  verzet onderwerpen aan de macht van de Amerikaanse markt en tegelijkertijd aan de manier van denken die ermee gepaard gaat. Deze manier van denken is, in zijn kern, religie. Wie economisch succesvol is, is bijzonder gezegend door God. Europa had schijnbaar zijn meest fanatieke sekten uitgezweet. Ze zijn naar en omineren nu de VS. Amerika getrokken,  gegaan en overheersen nu de VS. Ze zijn teruggekomen om zich te wreken. Een deel van ons politiek establishment is door en door veramerikaniseerd.

Een zekere tegenstrijdigheid tussen het pathos van mensenrechten en vrijheid en het werkelijke gedrag van de VS is reeds door vele cartoonisten opgemerkt. Sommigen merken het eerder, anderen worden pas wakker als de bommen beginnen te vallen.

Slechts één ding is heilig voor hen: geld “verdienen”, een quasi-heilige daad. Niemand mag zich ermee bemoeien: geen staat, geen grenzen. Hun “conservatisme” beperkt zich tot het behoud van de bestaande economische voorwaarden. De hypertrofie van de economie heeft in de VS lange tijd welig getierd, waardoor miljoenen hardwerkende mensen die verarmd achterbleven na bedrijfssluitingen en faillissementen van ondernemingen. Terecht of onterecht, Trump was hun hoop. Hij was van plan de tentakels af te hakken middels wetten.

De data-octopussen en bewakers van het egdachtengoed zijn nu in ons midden. “Nou, ze zijn er nu.” Wie doet er iets aan?

Als het amerikanisme wint, zal het de mensheid binnen 150 jaar vernietigen, en zal de aarde als een dode planeet, als Mars in de ruimte blijven rondcirkelen. Als de nieuwe godsdienst wint, zal de mensheid 150 jaar in grote ellende leven, en dan zal het jaar Een weer aanbreken en begint alles weer van voren af aan. Joachim Fernau, Hallelujah, die Geschichte der VS, 1977.

Onderwerping: enkele varianten

Laten we ons niet laten misleiden door de zwart-wit clichés van onze publieke media en kranten. We hoeven geen partij te kiezen tussen twee varianten van dezelfde kwade geest als het over de VS gaat. Trump kreeg de stem van fundamentalistische kiezers die in hem de door God gezonden redder zagen, die het zou opnemen tegen de slechte linksen. Voor ons begrip van vrijheid, met name de vrijheid van meningsuiting, zijn zij niet beter dan hun linkse tegenhangers. Zij maken deel uit van eenzelfde systeem:

Sommige puriteinen in de VS zijn tegen abortus (een “zuivere” compromisloze bescherming van het leven), sommigen zijn tegen gevaarlijke invloeden van vreemde culturen, en zelfs de zogenaamd anti-conservatieve, “ontwaakte” “liberalen” zijn in hart en nieren de hardste van de puriteinen (en beschouwen hun succes dus ook als een uiting van goddelijke zegen, zodat ze zichzelf moeten dwingen om te slagen), en ze willen de taal en het denken van mensen veel strenger en binnenkort nog draconischer controleren dan Zwingli in Zürich deed (behalve dat hun brandstapels en boekverbrandingen nu net digitaal zijn en dus gemakkelijker te verwezenlijken). Dushan Wegener, Andere Geschichte, andere Bücher)

Het is ook democratisch een “onheil” dat ons dreigt te achtervolgen. Wij hebben geleerd de uitvoerende macht democratisch te controleren. Daar kan geen sprake van zijn met de macht van de internetglobalisten. Niemand controleert hen wanneer zij ons de mond snoeren met hun censuur: niemand in de VS, en zeker niemand hier. Integendeel: onze staat stelt ronduit onfatsoenlijke eisen aan de ondernemingen om onze vrijheid van meningsuiting in te perken en zo ons gedrag te controleren.

“Dit, laten we er niet omheen draaien, wordt censuur genoemd. De sociale media verbieden stemmen die niet passen in de politiek correcte kosmos van de tech-oligarchen van Silicon Valley. De Amerikaanse oligarchen domineren nu het politieke discours in Amerika en zeer binnenkort in de rest van de wereld. Zij hoeven aan niemand verantwoording af te leggen en maken van hun sociale media een opinie-monopolie. Links-liberaal Amerika domineert de media, Hollywood, de universiteiten, de top van de grote zakenwereld, en nu ook de sociale media. Donald Trump werd verkozen door de stemlozen van “Midden-Amerika”, dat is de helft van de bevolking, maar dit deel van Amerika is nu zijn online stem kwijtgeraakt door de tussenkomst van techbedrijven.

Als de president van de Verenigde Staten kan worden gemuilkorfd, als hij niet langer met zijn aanhangers kan communiceren met behulp van technieken van de 21ste eeuw, dan kan het iedereen overkomen.” (Leon De Winter, 13 januari 2021, citaat van Thomas Stefan en anderen over Renovatio)

Niemand komt ons helpen. We moeten naar onszelf kijken. Onze vrijheid van denken is onze eigen, zwaarbevochten traditie. Alleen een intellectueel zelfbewuste Duitse staat kan de hoeder zijn van onze tradities en onze vrijheid.

Silicon Valley is bijzonder slecht geplaatst om ons te vertellen wat mag en niet mag.

Vertaler: rv

Oorspronkelijke tekst: http://klauskunze.com/blog/2021/01/13/die-unfreiheit-ist-ein-meister-aus-amerika/

Voetnoten

[1] Carl Schmitt, Der Begriff des Politischen, 1932.

2] Definitie van de bourgeois volgens Hegel, cf. C.Schmitt, 1932, fn.18.

3] Carl Schmitt, Der Begriff des Politischen, p.67.

[4] Ernst Niekisch, Gedanken über die deutsche Politik, 1929, p.301 e.v.



Categorieën:Geen categorie, totalitarisme

Tags: , , , , , ,

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s