Biden rolt spierballen en valt doelen in Syrië aan.

Lorenzo Vita (2021)

Joe Biden’s buitenlandbeleid in het Witte Huis gaat van start met een eerste aanval op Syrië. Zoals door het Pentagon is bevestigd, heeft de Amerikaanse president opdracht gegeven tot een bombardement op locaties die volgens Amerikaanse inlichtingendiensten worden gebruikt door pro-Iraanse militieleden in het oostelijk deel van het land. “Deze invallen waren geautoriseerd als reactie op recente aanvallen op Amerikaanse en coalitiemedewerkers in Irak en voortdurende bedreigingen tegen hen,” zei defensiewoordvoerder John Kirby, die zei dat de aanval specifiek werd uitgevoerd “op bevel van de president”, gericht op locaties “die worden gebruikt door verschillende door Iran gesteunde militante groeperingen, waaronder Kaitaib Hezbollah en Kaitaib Sayyid al-Shuhada“. Kirby zei dat de inval “een ondubbelzinnig signaal is dat president Biden zal optreden om het personeel van de VS en van de coalitieleden te beschermen. Tegelijkertijd hebben wij doelbewust gehandeld om de situatie in zowel Oost-Syrië als Irak te kalmeren”.

Het besluit van Biden komt op een zeer delicaat moment in het machtsevenwicht in het Midden-Oosten. Een escalatie tegen de Amerikaanse strijdkrachten in Irak begon op 15 februari en leidde tot verscheidene aanvallen tegen Amerikaanse troepen. De waarschuwing is gericht tegen de pro-Iraanse krachten die in Irak aanwezig zijn en die al langer de achilleshiel zijn voor de Amerikaanse strategie in het Midden-Oosten. Het land dat in 2003 door de Amerikanen werd binnengevallen, is de afgelopen jaren een van de belangrijkste partners geworden van Washingtons strategische tegenstander in de regio, Teheran. En we mogen niet vergeten dat het juist in Irak was dat de voorganger van Biden van zich deed spreken. Donald Trump had namelijk opdracht gegeven voor de inval waarbij de Iraanse generaal Qasem Soleimani om het leven kwam. Een maatregel die Bagdad uiteraard had veroordeeld, aangezien het gebied onder Iraaks gezag een slagveld was geworden tussen twee vreemde mogendheden.

Deze keer werd Syrië getroffen. En dat wijst al op een duidelijke strategie van het Witte Huis. Voor het Pentagon betekent het raken van Syrië op dit moment het raken van een gebied met een autoriteit die zij niet erkennen en die zij trachtten omver te werpen. Een situatie die sterk verschilt van die in Irak, waar de Verenigde Staten willen voorkomen dat het land zich tegen de aldaar aanwezige buitenlandse strijdkrachten keert en waar Amerika de regering als legitieme gesprekspartner erkent. Het feit dat de vergeldingsaanval plaatsvond in Syrië, maar als reactie op aanslagen in Irak, wijst erop dat zij geen problemen willen creëren voor de Iraakse regering.

De aanval wijst tevens op een ander probleem voor de Amerikaanse regering. De aanwezigheid van pro-Iraanse milities in Syrië en Irak is een gordiaanse knoop die nog lang niet is doorgehakt. Amerikaanse generaals hebben het Witte Huis onder Trump al lang gevraagd om een terugtrekking van troepen uit Syrië te vermijden, juist om de mogelijkheid uit te sluiten dat met Teheran verbonden krachten opnieuw voet aan de grond krijgen in de regio. Trump, hoewel terughoudend, aanvaardde uiteindelijk toch de eisen van het Pentagon (en van Israël) en de snelle terugtrekking van de Amerikaanse troepen bleef dode letter. Voor de Amerikaanse defensie is er ook het risico van een versterking van de Russische aanwezigheid (Moskou veroordeelde de aanval als “een onwettige actie die categorisch moet worden veroordeeld”). De terugtrekking van de VS-waart intussen als een spook al maanden rond in de gangen van het Pentagon en het Witte Huis. Van de belofte van de vorige president, om een einde te maken aan “eindeloze oorlogen”, blijft ook niet veel over.

De zeer recente Amerikaanse inval wijst echter niet op dat de VS een sterke aanwezigheid in Syrië nastreven. Het bombardement was zeer beperkt en vond plaats in een gebied dat reeds lang in het vizier van de Amerikaanse strijdkrachten in het Midden-Oosten is. Ook de onderhandelingsfactor mag niet worden vergeten. De Verenigde Staten onderhandelen met Iran om terug te keren naar het akkoord over het nucleaire programma: maar daarvoor moeten zij hun spierballen tonen. Zoals Corriere della Sera meldt, plachtBarack Obama te zeggen: “je onderhandelt met je pistool achter de deur”. Trump deed dat door zich terug te trekken uit het akkoord, Soleimani te doden en bommenwerpers en strategische schepen naar de Perzische Golf te sturen. Biden veranderde de deal: hij koos ervoor om steun aan Arabische monarchieën te beperken om duidelijk te maken dat hij niet op één lijn zat met het beleid van Trump, en bevroor F-35’s aan de Emiraten en wapens aan de Saoedi’s die Jemen aanvielen. Maar tegelijkertijd wilde hij een waarschuwing naar Iran sturen, in de vorm van een aanval op milities aan de grens tussen Irak en Syrië. De strategie en de tactieken verschillen met Biden’s voorganger, het doel blijft hetzelfde en heet Iran.

Vertaling : rv

Oorspronkelijke tekst: it.insideover.com



Categorieën:Internationaal

Tags: , , ,